Actueel

Weetje van de week: Dag van de Arbeid

Op 1 mei vond de Dag van de Arbeid plaats. Het is van oorsprong een feestdag van de socialistische, communistische en anarchistische arbeidersvereniging. Deze dag is ontstaan in 1890 als een internationale strijddag voor een maximale werkdag van acht uur, waarop in verschillende landen – waaronder Nederland – demonstraties werden georganiseerd. Daarna is het een jaarlijkse traditie geworden. Toch leeft de 1-meiviering de afgelopen jaren in Nederland niet echt meer, maar lijkt het in landen om ons heen nog uitbundig te worden gevierd.

Doel bereikt
In Nederland is deze dag geen officiële feestdag of vrije dag en moet er over het algemeen gewoon gewerkt worden. Historicus Sjaak van der Velden beschrijft dat deze dag tot de jaren zestig groots werd gevierd met optochten in de steden. Van der Velden geeft aan dat er verschillende oorzaken zijn voor het feit dat 1 mei in Nederland geen nationale vrije dag is. Eén praktische: Koninginnedag zat er vlak voor. Maar ook een diepgaandere reden: de socialisten en communisten in Nederland hadden de doelen bereikt en er was geen behoefte meer aan strijd. Tegelijkertijd was de Koude Oorlog gaande en werd 1 mei in Rusland met veel militaire trots gevierd, waar mensen in Nederland liever niet geassocieerd mee wilden worden. Hierna is het belang van de dag langzaamaan afgezwakt en de viering ervan uitgestorven.

Europese strijdtaferelen
Hierin verschilt Nederland dus sterk van andere Europese landen. In verband met 1 mei was er dit jaar in vijftien Europese landen een rijverbod van toepassing, waarbij er dus geen goederen via de weg vervoerd konden worden. Tevens hield de Euronext, net als veel andere Europese beurzen, de deuren gesloten en was er tussen banken geen betalingsverkeer mogelijk, ook niet in Nederland.

In Parijs waren 40.000 betogers aanwezig, bestaande uit vakbondsleden en ‘gele hesjes,’ om samen te protesteren tegen het beleid van president Macron. Helaas werd het strijden voor rechten hier vrij letterlijk genomen: de 7400 ingezette politieagenten moesten traangas gebruiken en hielden ruim 330 mensen aan. Ook in Duitsland, Spanje, Denemarken, Griekenland, Turkije en Rusland waren er demonstranten op straat.

Ook in Zweden waren er plannen voor grote manifestaties, maar werd er vooraf gediscussieerd over dit recht om te mogen demonstreren. Het bestuur van de kleine Zuid-Zweedse stadje Kungälv vond namelijk dat er een wetswijziging moet komen die het mogelijk maakt om Zweedse neonazi’s een verbod op te kunnen leggen om te demonstreren. Deze groeperingen grijpen namelijk de 1-meiviering aan om hun nationalistische boodschap te verkondigen. Deze groepen komen regelmatig in het nieuws vanwege incidenten, maar voorlopig laat de wetswijziging nog op zich wachten.

Nieuw leven inblazen
Caribisch Nederland is op 1 mei overigens wél vrij, met name doordat deze landen zijn meegegaan met wat er in de omringende landen gebeurden. De eilanden hebben voor een betaalde 1-meiviering wel Tweede Pinksterdag ingeleverd. Tevens was voor ambtenaren in Amsterdam 1 mei tot 2016 nog een verplichte vrije dag. Op voorstel van de VVD werd dit afgeschaft. Volgens de liberalen was de verplichte vrije dag een ‘relikwie uit een ver socialistisch verleden.’ Sinds vijf jaar probeert vakbond FNV er echter weer een dag van manifestatie van te maken. Dit jaar werd er in Amsterdam samen met duizenden mensen onder andere stilgestaan bij de successen die er zijn geboekt, maar ook om te pleiten voor een socialer Nederland. Maar, in vergelijking met andere Europese landen, kunnen wij als Nederlanders toch echt nog wat leren als het gaat om het vieren van de Dag van de Arbeid.