Klik hier als u deze nieuwsbrief voortaan in uw mail wilt ontvangen

Verkiezingsupdate

Op 15 maart 2023 zijn in Nederland de Provinciale Statenverkiezingen. In de voorliggende periode informeren wij u graag over de invloedkansen voor uw organisatie. Door middel van analyses en interviews krijgt u inzicht in het proces en de belangrijke thema’s. Uiteraard staan wij klaar om u te helpen bij een individuele aanpak richting de provincies.

Provinciale Staten relevanter dan ooit

De uitdagingen op het gebied van stikstof maken deze Provinciale Statenverkiezingen relevanter dan ooit. De provincies moeten namelijk ingrijpend beleid ontwikkelen om de stikstofuitstoot terug te dringen. Wat er in de verkiezingsprogramma’s komt te staan over o.a. waterkwaliteit, natuur, ruimtelijke ordening heeft dus grote gevolgen.

Strijd om de ruimte 
Wanneer we alle ruimtelijke claims op elkaar leggen,  knelt het. We schuren tegen grenzen aan: het lijkt niet mogelijk om een draaiende industrie, florerende veehouderij, mooie natuur én prachtige wateren tegelijkertijd in stand te houden. Elke partij in de provincie heeft een mening over welke ruimteclaim de meeste aandacht verdient. Waar partijen als GroenLinks en D66 van oudsher ruimte willen bieden aan natuur en waterkwaliteit, zet de VVD traditioneel vaak in op industrie, innovatie en infrastructuur, met een beetje landbouw. Partijen als CDA en BBB zetten juist vol in op landbouw. Dit speelt door in de gebiedsgerichte aanpak, waarbij provincies, gemeenten en waterschappen samenwerken met lokale (markt)partijen aan opgaven zoals stikstof. Geïnstitutionaliseerde NGO’s zoals natuur- en milieufederaties, de regionale VNO-NCW’s en de regionale LTO’s spelen daarin een belangrijke rol. Zij leiden hun macht af van de bezetting in de Gedeputeerde Staten, en van de partij die het meest sympathiek tegenover hen staat. Dit brengt ruimtelijke claims dus tweemaal in gevaar. De eerste maal binnen de provinciale sturing, de andere maal binnen het gebiedsproces zelf. De vraag is: wie wint er? Het antwoord is per coalitie en per provincie verschillend.

Balans raakt zoek 
De kans bestaat dat partijen die het stikstofbeleid van het kabinet niet steunen, grote verkiezingswinsten boeken en in de Gedeputeerde Staten terechtkomen. Daarmee komen provincies en het kabinet lijnrecht tegenover elkaar te staan. Dit leidt tot verdere versplintering van de politiek, en dat kan leiden tot verrassende coalities. Bijvoorbeeld een coalitie die radicaal kiest voor het belang van natuur en industrie, en de veehouderij links laat liggen. In 2015 was deze trend al te zien, toen in Noord-Brabant voor het eerst een coalitie zonder Christendemocraten ontstond, die vanwege de beperkte ruimte de strengste landbouwmaatregel ooit invoerde. Kortom, Gedeputeerde Staten worden gedwongen om scherpere keuzes te maken bij het sluiten van bestuursakkoorden.

Kritieke provincies 
De strijd om de ruimte is het sterkst gepolitiseerd in provincies met veel beschermde natuur, bedrijvigheid en landbouw. Voorbeelden hiervan zijn Noord-Brabant, Gelderland en Limburg. Politisering kan een vlotte formatie in de weg staan, terwijl haast geboden is. Uiterlijk 1 juli 2023 moeten alle provincies de gebiedsprogramma’s publiceren. Zonder bestuursakkoord op hoofdlijnen is dat bijna niet mogelijk.

Kansen voor uw organisatie 
Welke kansen liggen er voor uw uitdaging? Allereerst is het tijdig aanbrengen van uw claim in de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen belangrijk. Door bijvoorbeeld een position paper in te dienen, het gesprek aan te gaan, of door als lid een motie of amendement in te dienen. Daarnaast is het verstandig om de ambtelijke organisatie te informeren.

Klik hier als u deze nieuwsbrief voortaan in uw mail wilt ontvangen

Drie vragen aan… Arja Kapitein
Provinciale Statenlid voor D66 in Noord-Holland

“De komende periode staat in het teken van grote transities, met name wat betreft de inrichting van ons landelijk gebied.”

Welk advies heb je aan ondernemers en bewoners die (meer) betrokken willen worden bij de provinciale besluitvorming?
De meest effectieve manier is om lid te worden van een politieke partij. Vanuit deze positie kan je meedoen aan ledenvergaderingen, en ben je onder andere betrokken bij het opstellen van verkiezingsprogramma’s. Daarnaast zou ik adviseren om mee te doen met provinciale participatietrajecten die door steeds meer provincies ontwikkeld worden. 

Arja Kapitein

Hoe zie je je rol als Statenlid? 
In deze rol onderscheid ik drie elementen: kaderstelling, controles en volksvertegenwoordiging. Als Statenlid geven we kaders mee in de vorm van beleid voor de Gedeputeerde Staten (GS). Dit gebeurt meestal in de vorm van een voorstel dat aan de Statenleden wordt aangeboden door de GS. Wij kunnen dit voorstel accorderen. Dit gebeurt na het al dan niet meegeven van inhoudelijke amendementen of moties. In de tweede plaats controleren Statenleden of de GS onze kaders daadwerkelijk hebben uitgevoerd. Deze controles bestaan uit het analyseren van de jaarrekening, rapportages en evaluaties, en uit het stellen van schriftelijke vragen. Het element van volksvertegenwoordiging houdt ten slotte in dat Statenleden open staan voor de input van inwoners, gesprekken aangaan met leden van de partij, verantwoording afleggen aan de leden, en dat zij discussies op bijvoorbeeld sociale media actief volgen en hieraan meedoen.

Wat worden de belangrijkste thema’s bij de aankomende Provinciale Statenverkiezingen?
De komende periode staat in het teken van grote transities, met name wat betreft de inrichting van ons landelijk gebied. De provincies krijgen van het Rijk de opdracht om invulling te geven aan de doelen binnen de dossiers a) natuur b) energie en klimaat, en c) wonen. In het eerste dossier spelen de stikstofdoelen een grote rol. Wat betreft energie en klimaat, moeten de regionale energie strategieën worden uitgevoerd. Provincies moeten de gemeenten hierin faciliteren en stimuleren. Het elektriciteitsnet vormt hierin een bottleneck. De hoge woningnood is de hoofdmoot in het dossier wonen. Er moet veel gebouwd worden, de druk op landelijk gebied voor woningbouw wordt steeds groter. Wanneer provincies hieraan toegeven, moet ook geïnvesteerd worden in infrastructuur en openbaar vervoer. Binnenstedelijk is gelukkig nog steeds veel mogelijk. De nieuwe Omgevingswet per 2023 is hierbij een hulpmiddel, net als de gebiedsgerichte aanpak.