Blogs

Meer moties, minder impact

Een motie is een beproefd middel voor Kamerleden om politiek iets voor elkaar te krijgen. De bedoeling van een motie is het bewegen van het kabinet tot extra inzet op een bepaald onderwerp of tot een andere beleidskoers. Hoewel aangenomen moties niet bindend zijn voor het kabinet, kan het wel tot een interne crisis leiden wanneer een motie niet wordt uitgevoerd. Om een motie aan te nemen zijn immers óók coalitiestemmen nodig om de benodigde 76 voorstemmen te behalen.

Profilering

Naast de inhoudelijke beweegredenen is een motie ook een mooie kans voor Kamerleden zich te profileren. In een eerdere blog schreef ik al dat deze profilering, mede door de komst van sociale media, steeds belangrijker is geworden voor Kamerleden. Kamerleden zijn met een bepaalde ambitie en drive het ambt aangegaan en zitten daar om, in lijn met de partijideologie die ze aanhangen, iets te betekenen voor de maatschappij. Ze bekleden dat ambt echter enkel voor de periode dat ze interessant genoeg worden bevonden door hun partij. Deze profileringsdrang zien we terug in het aantal ingediende moties. De NOS berekende eerder dat waar er in 2017 nog 2471 moties zijn ingediend, dit inmiddels is gestegen tot boven de 4100 moties per jaar. Recessen niet meegerekend komt dit neer op meer dan 100 moties waar wekelijks over gestemd wordt. Bijkomend element van de afgelopen jaren is dat ná de stemmingen de Tweede Kamer in een handig overzicht laat zien welke partijen voor of tegen een motie hebben gestemd. Dit maakt het alleen maar aantrekkelijker voor Kamerleden om, via social media, hun motie bij een breed publiek kenbaar te maken en tegelijkertijd meteen schande te spreken van de partijen die tegen hebben gestemd.

Kosten

De kosten en druk op het ambtelijk apparaat van al deze moties zijn hoog. Zo moet iedere aangenomen motie worden uitgewerkt en (op een herleidbare manier) worden opgenomen in het kabinetsbeleid. Oók wanneer een minister of staatssecretaris al heeft laten weten dat de motie in lijn is met het kabinetsbeleid en daarom dus al wordt uitgevoerd. Wanneer alle kosten hiervoor, dit betreft voornamelijk personele uren van ambtenaren, worden meegewogen kost één motie al snel meer dan 7000 euro. Met het grote aantal aangenomen moties per week gaat dit over enkele miljoenen euro’s per jaar.

Wanneer de inhoud voorop staat is een motie echt niet altijd het meest invloedrijke middel om het beleid te veranderen. Wanneer de minister of secretaris tijdens een debat de toezegging doet een bepaalde wens of suggestie mee te nemen in het beleid is deze namelijk veel steviger verankerd. Een toezegging is daarnaast, in tegenstelling tot een motie, niet afhankelijk van stemmingen en hoeft dus niet met een meerderheid te worden aangenomen. Bij een toezegging kan er vanuit worden gegaan dat de bewindspersoon er zelf ook het belang van inziet waardoor de motivatie om het beleid op de juiste manier aan te passen groter is.

Scorebordpolitiek

De roep om minder politiek theater en meer focus op de inhoud lijkt echter nog niet aan te slaan. In 2019 pleitte GroenLinks-fractievoorzitter Jesse Klaver al om te stoppen met ‘scorebordpolitiek’. Naast lovende geluiden over zijn oproep leverde hem dit ook de nodige kritiek op. Niet in de minste plaats uit zijn eigen partij. Zou het GroenLinks immers op deze manier wel lukken zich genoeg te laten zien richting de kiezer? Het lijkt daarom steeds vaker om het persoonlijke profiel dan om de inhoud te gaan en scoringsdrift en haantjespolitiek voeren de boventoon.

Daar is veel kritiek op vanuit de media, maar de media werkt hier zelf aan mee. Ieder jaar verschijnen er weer verschillende artikelen waarin de invloed van Kamerleden, mede gebaseerd op aangenomen moties, langs de meetlat wordt gelegd. Vanzelfsprekend willen Kamerleden liever in de top 10 van invloedrijke Kamerleden voor komen dan in het rijtje backbenchers. Zo blijft de cirkel van moties, profileringsdrang en media aandacht in stand en wordt door de lawine aan moties de kracht van een motie uitgehold. Ik ben benieuwd of de nieuwe ‘Haagse bestuurscultuur’ hier verandering in weet te brengen!