Blogs

Een moderne CEO gaat debat niet uit de weg

Feike Sijbesma, bestuursvoorzitter van chemiebedrijf DSM, werd deze week door maandblad Quote bekroond tot “de nieuwe predikant van het feel good-kapitalisme”. Dat was een reactie op het optreden van Sijbesma een dag eerder in de uitzending van Buitenhof. In de bewuste uitzending had hij een lans gebroken voor strengere klimaateisen en vooral een CO2-prijs voor bedrijven zoals DSM, wat leidde tot lof (met een licht cynische ondertoon) van het maandblad met een zwak voor rijk en succesvol Nederland. De uitspraken van Sijbesma getuigen echter niet alleen van een vooruitziende blik op de rol van het bedrijfsleven in het klimaatdebat, maar ook op de rol van CEO’s in veel meer maatschappelijke debatten.

In 2016 typeerde de toonaangevende Amerikaanse krant The Wall Street Journal Marc Benioff, CEO van techbedrijf Salesforce, als “Activist CEO”. Aanleiding daarvoor was de bemoeienis van Benioff met voorgenomen wetgeving in de Amerikaanse staat Indiana, die de gelijke rechten van LHBTI’ers drastisch zou inperken. Salesforce heeft een groot kantoor in die staat en Benioff dreigde met het stopzetten van alle activiteiten daar, als de wet werd aangenomen. Daarmee was hij er mede verantwoordelijk voor dat de wet snel gevolgd werd door een aanpassing die de rechten van LHBTI’ers alsnog moest beschermen. De titel van activist-bestuurder bleef plakken aan Benioff, die het inmiddels ook als geuzennaam draagt.

In hetzelfde jaar onderzochten wetenschappers van Harvard Business School de impact van CEO-activisme op maatschappelijke debatten én op het imago van hun bedrijven. Ze concludeerden dat de rol die CEO’s steeds meer spelen in debatten die niet direct raakt aan de kern van hun zakelijke activiteiten, bijvoorbeeld kijkend naar de rechten van minderheden in Amerika, een positieve impact heeft op zowel dat debat als op de beeldvorming rond de bedrijven die ze leiden. Het oude beeld dat bedrijven en hun directeuren op de achtergrond moeten opereren, is niet meer van toepassing.

Werkgevers en hun waarden
Vreemd is die veranderende rol van (grote) ondernemingen niet. Lange tijd vielen mensen terug op bekende instituties om hun positie in maatschappelijke debatten te vertolken. Dat kon via politieke partijen of bijvoorbeeld via vakbonden of religieuze organisaties. De positie van die organisaties kalft echter al decennia af, terwijl werkgevers een steeds prominentere rol innemen in de identiteit van hun medewerkers. Waar je vroeger simpelweg voor een bedrijf ging werken omdat ze een grote werkgever waren in het dorp waar je opgroeiende of omdat je vader er ook werkte, hebben toegenomen arbeidsmobiliteit en krapte op de arbeidsmarkt ertoe geleid dat medewerkers vaak bewuster kiezen waar ze willen werken. Het gaan dan niet alleen om de aard van het werk en het salaris, maar ook om de waarden waar het bedrijf voor staat. Je werkgever is daarmee ook een belangrijke vertegenwoordiger van wie jij bent naar de buitenwereld. Zoals Benioff het zelf verwoordde:

 “CEO activism is not a leadership choice, but a modern — and an evolving — expectation. CEOs have to realize that Millennials are coming into the organization and expecting the CEO to publicly represent the values of that organization.”

Terug naar Nederland
In een tijd dat de rol van grote bedrijven in maatschappelijke debatten, vooral dankzij de commotie rond de dividendbelasting, ter discussie staat, was de oproep van Sijbesma verfrissend. Verrassend was het echter niet, aangezien de DSM-topman zich al veel langer maatschappelijk betrokken toont. In een FD interview in 2017 stelde hij bijvoorbeeld:

“Als er aan mij zou worden gevraagd waarom ik ook bezig ben met het beter maken van de wereld, zou ik zeggen dat DSM midden in de samenleving staat. De zaken waar ik mij druk om maak — zoals de honger, ondervoeding en ongezonde voeding, en het klimaat — passen precies bij de competenties van DSM.”

Natuurlijk raakt de discussie over CO2 veel nadrukkelijker aan de zakelijke activiteiten van DSM dan bijvoorbeeld LHBTI-rechten, maar dat neemt niet weg dat Sijbesma zich als geen ander realiseert dat hij als bestuurder niet weg kan lopen voor zijn rol in grote maatschappelijke debatten. Nu werkgevers steeds meer een vertegenwoordiger worden van de waarden en identiteit van hun medewerkers – en in het verlengde daarvan van hun klanten – zullen moderne CEO’s bereid moeten zijn moeilijke maatschappelijke debatten te voeren, ook als dat niet expliciet raakt aan hun eigen zakelijke belangen. Feike Sijbesma verdient meer ‘predikanten van het feel good-kapitalisme’ aan zijn zijde en de werknemers van Nederland verdienen bestuurders die hun waarden vertegenwoordigen. Het wordt tijd dat meer CEO’s zich met maatschappelijke debatten gaan bemoeien!

Door Adriaan Andringa