Weetje van de week: Deeleconomie zet wetgevingsproces op zijn kop

Weetje van de week: Deeleconomie zet wetgevingsproces op zijn kop

22 maart 2016

Het delen van consumptiegoederen, zoals auto’s, huizen en boten, is inmiddels niet meer weg te denken uit de Nederlandse economie. De invloed van deelplatforms op onze economie en samenleving is onderwerp van gesprek in politiek Den Haag.

De term deeleconomie deed zijn intrede in de Tweede Kamer in 2013. Toen werd in de Mobiliteitsbalans voorspeld dat steeds meer mensen zouden kiezen voor een deelauto. Drie jaar later hebben intussen veel mensen traditionele taxi’s ingeruild voor ‘Uber’s’.

Omdat de producten op deelplatforms, zoals auto’s of appartementen, al in originele vorm bestaan, kan er direct een platform worden gelanceerd om ze te delen. Normaal gesproken vindt in Europa voor marktintroductie van een nieuw product eerst publieke discussie plaats. Pas nadat de politiek zich erover gebogen heeft, komt bijvoorbeeld een nieuw medicijn of voedselproduct onder voorwaarden op de markt. Valt het product buiten de bestaande wetgeving, dan moet éérst de wetgeving worden aangepast.

Innovatiewetenschapper Koen Frenken merkt op dat in de deeleconomie het wetgevingsproces andersom verloopt: pas na een doorslaand succes wordt de discussie gevoerd over de mogelijke effecten en wenselijkheid. Daarmee vormt de deeleconomie in de toekomst een uitdaging voor de politiek om een plaats te geven in het wetgevingsproces.