Weetje van de Week: Gelijke kansen - Zwangerschapsverlof in de politiek

Weetje van de Week: Gelijke kansen - Zwangerschapsverlof in de politiek

Onlangs maakte de PVV bekend dat Tweede Kamerlid Gabriëlle Popken met zwangerschapsverlof gaat. In deze periode neemt Emiel van Dijk haar taken tijdelijk op zich. Opmerkelijk is dat Popken in 2015 als Eerste Kamerlid ook gebruik maakte van de vervangingsregeling. Daarmee is Popken de eerste Senator in de parlementaire geschiedenis die gebruik maakte van het zwangerschapsverlof.

Voor Nederlandse politici is het pas sinds korte tijd mogelijk om tijdens het ambt met zwangerschapsverlof te gaan. Ondanks de toename van jonge vrouwelijke Kamerleden, was er aan het eind van de twintigste eeuw nog geen regeling die het toeliet om zwangere politica tijdelijk te vervangen.

Een aantal vrouwelijke Kamerleden kwam hierdoor in opmerkelijke situaties terecht. Zo besloot het zwangere PSP-Tweede Kamerlid Andrée van Es in 1988 haar zetel niet op te geven. Aangezien zij in haar eentje namens de PSP in de Kamer zat, verdween haar partij daarom even geheel van het Binnenhof. Het nemen van kortstondig ontslag vanwege zwangerschap bood namelijk geen zekerheid op terugkeer na afloop van het verlof.

Om deze reden besloot GroenLinks-Kamerlid Ina Brouwer in 1990 actie te voeren. Zij kondigde haar zwangerschap aan in een brief, die ze door de Kamervoorzitter liet voorlezen. Brouwer schreef dat ze, door gebrek aan een zwangerschapsverlofregeling, maar deed alsof deze bestond en meldde zichzelf twaalf weken af. Bij belangrijke stemmingen kwam ze echter wel.

De actie van Brouwer en haar voorgangers leverden succes op: het Kabinet-Lubbers III diende in 1993 een wetsvoorstel in tot herziening van de Grondwet. Hierdoor moest het mogelijk worden voor volksvertegenwoordigers om zich tijdelijk vanwege zwangerschap te laten vervangen. Het wetsontwerp haalde echter in de tweede lezing de twee derde meerderheid niet. Het verzet van de VVD was beslissend, die als reden gaf dat een vervangingsregeling niet voor één specifieke reden geïntroduceerd moest worden. Daarom kwam kabinet-Kok II in 2001 met een breder wetsvoorstel, waarmee ook langdurige zieken de mogelijkheid kregen om maximaal zestien weken vervangen te worden. De wijziging van de Grondwet trad in 2006 in werking, en werd door het geëmancipeerde karakter dan ook getypeerd als ‘historisch.’ 

Naast Gabriëlle Popken, hebben onder meer Femke Halsema, Marianne Thieme, Mirjam Sterk en tevens haar tijdelijke vervangster Sabine Uitslag dankbaar gebruik gemaakt van de inzet van hun voorgangers om het Kamerlidmaatschap en het krijgen van kinderen te combineren. Nu de man-vrouw verdeling in de Kamer steeds evenwichtiger wordt, en de gemiddelde politicus ook jonger is, zijn dergelijke regelingen van essentieel belang om mannen én vrouwen gelijke kansen in de politiek te bieden.