Ketenakkoorden als schakel in de circulaire economie

Ketenakkoorden als schakel in de circulaire economie

12 februari 2018 - Begin januari zijn de transitieagenda’s circulaire economie gepresenteerd: gedegen stukken met lange-termijnvisies en korte-termijnacties voor vijf sectoren. Het Planbureau voor de Leefomgeving gaat met een nieuw monitoringssysteem de voortgang meten. De transitieagenda’s vloeien voort uit het zogenaamde Grondstoffenakkoord, dat een aantal ministeries onder het vorige kabinet sloot met zo’n 300 bedrijven en organisaties. Het woord ‘akkoord’ roept de vergelijking op met het Energieakkoord, dat inmiddels alweer zo’n vijf jaar in uitvoering is. Die vergelijking klopt echter niet. Anders dan het uitonderhandelde Energieakkoord, met ondertekende afspraken tussen partijen, is het Grondstoffenakkoord nu slechts een verzameling van beleidsopties.

De circulaire economie heeft echter harde afspraken nodig. We blijven teveel hangen in discussies over het sturen op kwantiteit van inzameling, de kwaliteit van het recyclaat of het stimuleren van inzameling dan wel het aanwakkeren van de marktvraag naar secundaire materialen. Daarbij kunnen alle betrokkenen het ook eindeloos hebben over de onderlinge rollen en verantwoordelijkheden. Mijn analyse is dat deze zoektocht naar generieke maatregelen voor circulaire economie het proces vertragen.

Mijn pleidooi is derhalve om op kleinere schaal concrete stappen te zetten. Ik wil daar direct een middel bij introduceren: het Ketenakkoord. Binnen een Ketenakkoord maken ontwerpers, producenten, inzamelaars, recyclers en afnemers afspraken over het hergebruik van een product of materiaalsoort. Deze partijen maken een bindende afspraak over de aan te leveren reststroom, de output van het sorteerproces, de kwaliteit van het recyclaat en de gegarandeerde afname van de opbrengst. Energie als grondstof kan daar ook onder vallen. Ook over de verdeling van kosten en baten worden binnen de keten afspraken gemaakt. De overheid kijkt mee: naar kansen en belemmeringen, mogelijkheden voor opschaling en aanknopingspunten voor beleid. Het percentage primaire grondstof dat met een Ketenakkoord uit het systeem wordt gedrukt, is exact te monitoren en telt direct mee in de doelstellingen van het Rijksbrede Programma Circulaire Economie.

De voorbeelden liggen er al: sloopopbrengst uit vastgoed en infrastructuur die wordt ingezet voor nieuwbouw; huishoudelijk afval dat na verbranding nog voldoende mineralen oplevert om stoeptegels terug te leveren aan de gemeente; biopolymeren gewonnen uit rioolslib en toegepast in lichtgewicht plantenpotjes voor de export; et cetera! De crux is om deze en nieuwe ketens te smeden tot meerjarige akkoorden.

Onlangs hoorde ik in perscentrum Nieuwspoort staatssecretaris Van Veldhoven over de uitrol van de transitieagenda’s. Het ministerie van I&W denkt nu na over een uitvoeringsagenda. Ketenakkoorden zouden daar als concrete projecten uitstekend in passen. Ik zeg: nú doorpakken!

Marieke van der Werf
directeur Dr2 New Economy
oud-Tweede Kamerlid voor het CDA

"Altijd op zoek naar de verbinding tussen het belang van de organisatie en realisatie van een duurzame samenleving."
Marieke van der Werf
Partner en senior adviseur