Weetje van de week: "U kunt niet zonder ons"

Weetje van de week: "U kunt niet zonder ons"

Op 8 april was VNG-voorzitter Jan van Zanen te gast bij het radioprogramma Kamerbreed. Daar presenteerde hij namens de waterschappen, provincies en gemeenten het ‘wensenlijstje’ voor de kabinetsformatie. De Unie van Waterschappen, het Interprovinciaal Overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) stellen een investeringsagenda voor waarin de energietransitie, klimaatadaptatie en circulaire economie centraal staan.

De manier waarop Van Zanen deze onderwerpen op de formatietafel legt, is minstens zo interessant als de onderwerpen zelf. Over de plannen in de investeringsagenda zegt de VNG-voorzitter: “Wij gaan het doen, Rijk doe mee.” Deze boodschap herhaalt hij meerdere malen in verschillende bewoordingen en hij voegt hier verder aan toe: “Geef ons de ruimte.” Als het aan Van Zanen ligt heeft het Rijk twee keuzes: aan boord springen van de rijdende trein of achterblijven. Door de krachtige taal van de VNG-voorman lijkt het alsof het Rijk mee mag doen met de decentrale overheden, terwijl deze overheden hun wensen presenteren bij een mogelijk toekomstig kabinet. Dit roept de vraag op hoe de verhoudingen tussen het Rijk en decentrale overheden  liggen.

Kijkend naar de Grondwet hebben de provincies en gemeenten sterke posities. Provincies en gemeenten zijn net als het Rijk zelfstandige democratische organen. De relatie tussen de bestuurslagen kent dus geen strikte hiërarchie.

Vanuit een juridisch en financieel perspectief ontstaat tevens een ander beeld. Wetten, algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen zijn van een hogere orde dan provinciale en gemeentelijke verordeningen. Daarnaast zijn de provincies en gemeenten deels afhankelijk van het Rijk voor financiering via het provincie- en gemeentefonds. Het vaststellen van de verhoudingen tussen bestuurslagen wordt nog eens bemoeilijkt door de vele samenwerkingsverbanden tussen Rijk, provincies,  gemeenten en waterschappen. Bij verschillende overheidstaken, zoals infrastructuur en veiligheid, komen rollen en verantwoordelijkheden van verschillende bestuursorganen samen.

Wat zegt deze beschouwing over de uitspraken van Jan van Zanen en de relatie tussen de bestuurslagen? Wie bestuurt de trein? Het antwoord geeft hij tijdens het gesprek zelf wanneer hij zich richt tot een toekomstig kabinet: “U kunt niet zonder ons en wij niet zonder u.”