Weetje van de week: De financiële haalbaarheid van verkiezingsprogramma's

Weetje van de week: De financiële haalbaarheid van verkiezingsprogramma's

14 oktober 2016

De afgelopen weken is een aantal verkiezingsprogramma’s uitgekomen. De meeste programma’s moeten nog worden goedgekeurd door de leden maar de inzet ligt op tafel. De verkiezingsprogramma’s zijn voor partijen een goed middel om hun ideeën zichtbaar te maken en de neuzen in de partij dezelfde kant op te krijgen.

Verkiezingsprogramma’s zijn zo oud als de politiek zelf want een programma is een duidelijke inzet voor de partijen. Abraham Kuyper schreef in 1879 het eerste verkiezingsprogramma in de politieke geschiedenis van ons land. Dit programma kreeg de titel “Ons Program” en telde maar liefst 1300 (!) pagina’s. In 1879 was het ongebruikelijk om een programma te presenteren, mede door het feit dat er nauwelijks sprake was van partijvorming. Veel politici deden hun werk op persoonlijke titel. Kuyper zag in dat er meer te bereiken was als een groep gelijkgestemden verbonden werd. Hij heeft dan ook een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van het partijenstelsel zoals we die nu in Nederland kennen.

Vandaag de dag rekent het Centraal Planbureau (CPB) een groot deel van de verkiezingsprogramma’s door. Hierdoor ontstaat een beeld van de financieel-economische gevolgen van de voorstellen in verkiezingsprogramma’s. Deze doorberekening gebeurde voor het eerst in 1986. De doorrekening is echter niet verplicht en de partijen mogen zelf beslissen of het CPB hun programma doorrekent.  

In de aanloop van de verkiezingen in 2010 stelde Rita Verdonk dat het CPB weigerde haar programma door te rekenen. Reden hiervoor was volgens Verdonk de geraamde bezuiniging op ontwikkelingshulp. Het CPB gaf aan dat voorstellen die stuiten op juridische onmogelijkheden niet worden doorgerekend. In 2010 deed de SGP voor het eerst volledig mee met de doorberekening. Voorheen maakte het CPB alleen een quick scan van het SGP-programma. Een aantal politieke partijen overweegt om het verkiezingsprogramma  dit jaar niet door te laten rekenen door het CPB. Ze vinden dat de doorrekening te beperkt is omdat er alleen wordt gekeken naar de economische en financiële effecten van de programma’s. CPB-directeur Laura van Geest is van mening dat als partijen hun programma’s niet door laten rekenen ze ‘moeiteloos kunnen worden beticht van luchtfietserij.'

Toch blijft het doorrekenen van de verkiezingsprogramma’s een belangrijke graadmeter voor de haalbaarheid van politieke plannen. Deze doorrekening krijgt inmiddels ook internationale navolging. Zo is het in België inmiddels verplicht en spelen ook Canada en Spanje met het idee verkiezingsprogramma's door te laten rekenen.